NL  |   Deutsch  |   English
Zoek
 

 

FAQ’s en wetenswaardigheden over de vezel schapenwol:

 

Herkomst wol en voorradigheid

Bewerking tot isolatiemateriaal

Aantal benodigde schapen

Geschiktheid wolvezels

Transport grondstoffen

Allergieën

Biologische oplosbaarheid

Stinken

Muizen

Motten en tapijtkevers

Micro-organismen

Vervuiling

Levensduur

Binding ongewenste gassen

Brandgedrag

Vochtgedrag

Isolatiewaarde en lambdawaarde

Dampremmers i.h.a. niet nodig

Geluidsabsorptie

Warmteopslagcapaciteit

Adiabatisch koelen of latente warmteaccumulatie

Prijs

Verwerkingsvoorschriften

Dampdicht, open of volledig dampdoorlatend

Gezondheid versus bouwen

Wol in de taal

 

 

Herkomst wol en voorradigheid:

Wij gebruiken voor onze materialen voornamelijk Europese scheerwol. Dus ook uit Nederland. Van belang is dat de vezels van goede kwaliteit zijn, voldoende dik en lang.

Er zijn ca één miljard schapen op de wereld die wol produceren die wij kunnen gebruiken. Per schaap heb je ca. drie kilo wol per jaar.

Bewerking tot isolatiemateriaal:

Na het scheren volgen de volgende bewerkingen

  • Sorteren
  • Wassen
  • Motwerend behandelen
  • Het juiste melange mengen
  • Vernaalden en op maat snijden

Aantal benodigde schapen:

Wij gebruiken uitsluitend scheerwol, dus geen wol van slachtschapen. Bij een isolatiemateriaal heb je ca één vacht per m2 nodig.

Geschiktheid wolvezels:

Niet alle vezels zijn geschikt. Deze moet voldoende lang, dik en gekruld zijn.

Gebruik van gerecyclede wol is op zich een charmant idee. Echter deze vezels hebben door hun eerdere bewerking niet meer de eigenschappen die wij declareren.

Transport grondstoffen:

Doordat de schapenhaar een enorme mechanische stabiliteit heeft (dus heel sterk is) kan je balen perzen onder meer dan 35 ton. Daardoor is transport van de grondstoffen economisch.

Allergieën:

Wol is een eiwitpolymeer met daarin aminozuren exact gelijk aan die wij als mens hebben. Zou je allergisch voor wol zijn dan ben je dat ook voor je zelf.

Wat wel kan gebeuren is een zogenaamde contact irritatie. Door huidcontact met de schubben van de vezel kan ter plaatse een histamine reactie ontstaan die verward wordt met een allergie. Een dergelijk reactie is overigens niet schadelijk anders dan irritant. Kom je dus niet fysiek in aanraking met wol, dan gebeurt er ook niets.

Biologische oplosbaarheid:

Omdat schapenwol als lichaam eigen materiaal wordt gezien worden eventueel ingeademde vezeldeeltjes in twee dagen afgebroken. Het zelfde proces als dat je een eigen huidschilfer zou inademen.

Stinken:

Het is het wolvet (lanoline) dat bij oxidatie gaat stinken. Onze wol wordt hiervan ontdaan door het wassen.

Muizen:

Muizen wroeten gemakkelijk hele gangstelsels door uw spouwmuur bij de meeste isolatiematerialen. De wolvezel is voor muizen te sterk om dat met wol ook te doen.

Motten en tapijtkevers:

Het zijn de larven van deze insecten die voor vraat zorgen. Overigens niet alleen wol. Ook vlas en vele andere plantaardige (cellulaire) vinden ze lekker.

Onze wol is permanent tegen deze larven beschermd door een toevoeging die wij tijdens het wassen toevoegen die zich binden aan de aminozuren. Uit diffunderen is niet mogelijk.

Micro-organismen:

De wolvezel heeft van nature een eigen protectie tegen micro-organismen.

Vervuiling:

Stof en vuil wordt vooral aangetrokken door statische elektriciteit. Schapenwol is antistatisch en trekt dus geen stof aan.

Levensduur:

Uit opgravingen en historische vondsten is wol naar boven gekomen die bij nader onderzoek exact dezelfde eigenschappen vertonen als de wol die wij nu scheren. Daarmee is de levensduur ons mensenleven zeker gegarandeerd.

Binding ongewenste gassen:

Wanneer u in een omgeving komt waar de luchtkwaliteit niet goed is zult u als eerste last krijgen van de slijmvliezen van ogen, neus en keel. Hoe komt dat?

In deze slijmvliezen zitten uw meest oppervlakkige eiwitten die in contact komen met de buitenlucht. In deze eiwitten bevinden zich aminozuren die ieder op zich een reactieve restgroep hebben en een reactie aangaan met bijvoorbeeld formaldehyde, SO2 en vele anderen.

Schapenwol bestaat voor 99% uit eiwitten met exact dezelfde aminozuren zoals wij die als mens ook hebben. De reacties worden dus naar de wol verplaatst.

De eerste gasmaskers waren overigens ook met schapenwol gevuld.

Brandgedrag:

Dat wol niet brand weet iedereen. Maar waarom niet. Voor zelfstandige verbranding heeft wol een zuurstofpercentage in de lucht nodig van 25.8 %. Onze omgevingslucht bevat maximaal 21% zuurstof, vandaar. Dit wordt uitgedrukt in de Limited Oxygen Index (L.O.I.)

Vochtgedrag:

Wolvezels kunnen meer dan 30% van hun eigen gewicht aan waterdamp opnemen en dat later ook weer afgeven bij een dalende RLV. Zo werk ook een hygrometer. Een haar tussen een vast punt en een naald zal krimpen bij dampopname en het naaldje slaat uit. Bij daling van de RLV laat de vezel waterdamp weer los en ontspant de vezel.

Isolatiewaarde en lambdawaarde:

De isolatiewaarde van een materiaal wordt bepaald door de dikte en de lambdawaarde o.t.w. de warmtegeleidingweerstand.

Opname van waterdamp doet de isolatiewaarde verslechteren, althans, bij alle vezels behalve bij schapenwol. Ga maar na, in de motregen lopen met een wollen trui blijft u het warm houden. Moet u eens proberen met een T-shirt?

Dampremmers i.h.a. niet nodig:

Alle isolatiematerialen hebben (soms meer dan 30%) toevoegingen. Deze zijn hydrofiel of waterminnend. Passerende dampstromen zullen dus gebonden worden door deze toevoegingen om nooit meer af te stoten. Hiermee gaat de isolatiewaarde verloren. Om deze materialen te beschermen plaatst u aan de binnenzijde van de constructie een damprem.

Doschawol heeft geen waterminnende toevoegingen en kan bovendien als geen ander vocht reguleren en warmte accumuleren.

Geluidsabsorptie:

Geluidabsorptie verloopt volgens het volgende principe:

Geluid (energie) > brengt zacht materiaal in beweging > beweging wordt omgezet in warmte > warmte wordt geabsorbeerd.

Fysisch is dit de enige wijze van omzetten van geluidsenergie in warmte. Daar schuilt dan ook één van de geheimen waarom een keratinevezel dit goed kan. Een zeer flexibele vezel, mechanisch heel sterk en gemaakt om warmte te absorberen.

Daarnaast speelt het aangeboden oppervlak een grote rol. Bij bijvoorbeeld minerale vezels zou u kunnen zeggen dat het totaal van de vezeloppervlakken verantwoordelijk is voor absorptievlak. Met één kilo minerale wol heeft u dan een oppervlak van ca 35m2.

Neemt u echter één kilo schapenwol dan genereert dat een werkzaam oppervlak van ca 380m2. Vergelijk dat met uw longen, relatief kleine organen hebben een totaal oppervlak waar gasuitwisseling plaatsvindt van vele tientallen m2.

 

Zou je de wolvezel afsluiten, bijvoorbeeld met bindmiddelen of een verfstof, dan gaat bovenstaande natuurlijk niet meer op. Daarom kunnen wij onze wol niet kleuren en/of gebruik maken van gerecyclede wol uit de tapijt en kleding industrie.

 

Warmteopslagcapaciteit:

Dit is het vermogen van een materiaal om de warmtedoorslag uit te stellen. Hoe snel warmt uw zolder op wanneer de zon er op straalt? Hoe beter deze eigenschap hoe koeler het binnen blijft. U raadt het al, schapenwol is daar meester is. Daar wordt ook dankbaar gebruik van gemaakt door nomaden in de woestijn die zich koel hoeden met wollen kleding.

Adiabatisch koelen of latente warmteaccumulatie:

Dit effect gaat u ervaren wanneer u een volledig dampdoorlatende constructie heeft met daarin materialen die zowel vocht kunnen reguleren als wel warmte kan accumuleren.

Wat gebeurt er, bij verdamping zal er een expansie ontstaan van waterstofdeeltjes wat warmte onttrekt. U krijgt daar koelte voor terug. Zo werk ook uw ijskast.

Dit effect is vele male groter dan de warmteopslagcapaciteit

 

Prijs:

Wol is wellicht duurder of de andere materialen zijn zo goedkoop. Het is maar hoe je het ziet.

Vergelijk je alle bijkomende eigenschappen, de levensduur, de gezondheidsvoordelen etc., dan is Doschawol wellicht duurder bij aanschaf maar veel goedkoper door de jaren heen. De vergelijking met goed gereedschap, goede schoenen en kleding kennen wij allemaal. In de bouw denken wij vaak nog anders.

Verwerkingsvoorschriften:

Snijden:

·         Met een laat het materiaal comprimeren en met een heel scherp mes (Stanley) het materiaal langs de lat op maat snijden.

·         Met een hevelmes. Dat is een papiersnijder met een lang mes erop. Wij gebruiken messen van 70 cm lang.

 

Knippen:

  • Met een zeer scherpe textielschaar
  • Met een grasschaar van het type Freund 1515

 

Scheuren:

  • Scheuren lukt uitsluitend in dwarsrichting. Knip het materiaal in op de gewenste lengte maat en scheur het verder af. De scheurrand zal niet zo strak zijn als bij snijden. Neem dus een overmaat.

 

Vastzetten:

  • Doschawol laat zich gemakkelijk vast nieten of tacken tegen de balklaag. Zorg voor een kleine overmaat van het materiaal zodat deze al vastklemt tussen het houtwerk.

 

Dampdicht, open of volledig dampdoorlatend:

pdf

Gezondheid versus bouwen:

pdf

 

 

Wol in de taal:

'Veel geblaat en weinig wol', of 'Veel geschreeuw maar weinig wol', of 'Veel gescheer en weinig wol'. Dit betekent allemaal dat er meer rumoer is dan inhoud.

Onder de wol kruipen - gaan slapen.

Door de wol geverfd - veel ervaring hebben, in ongunstige zin: doortrapt zijn.

Veel wol weinig truien - Meer rumoer dan inhoud.

Wollige taal - Veel gebruik van weinig zeggende woorden, langdradig spreken.

Held op wollen sokken – grote mond hebben maar als het er op aan komt geen thuis geven.

Staat uw vraag hier niet bij of is uw vraag onvoldoende beantwoord, neem dan contact op met Doscha BV voor uw antwoorden.